Vroeger
Tot ongeveer 60 jaar geleden wordt al het gras gemaaid met een zeis, dit is zwaar werk geweest en met een grote boerderij heeft men veel knechten nodig om alle gras op tijd af te krijgen. Dit artikel handelt over de verschillende soorten maaimachines die in de loop der jaren in de plek zijn gekomen van handarbeid.
Door de introductie van de maaibalk ongeveer 50 jaar geleden wordt het maaien een minder zware taak, deze maaibalken bestaan uit twee ijzeren balken met mesjes eraan en waarvan de bovenste balk een zaagbeweging maakt, deze moet het gras overknippen, maar aan deze machine zitten een hoop mankementen want:
-> Deze machine is niet zelfreinigend; dit wil zeggen dat kort gras op de maaibalk blijft
liggen, en de machine in het ware verstopt en dan moet worden schoongemaakt,
-> Door de ijzer op ijzer schuurbeweging is er veel onderhoud en slijtage aan deze machine.
Trommelmaaiers
Een jaar of dertig geleden komt de eerste trommelmaaier bij de machinefabriek PZ van de band af. Deze 'moderne' trommelmaaier bestaat uit meedraaiende trommels met daaronder een losse plaat die niet kan meedraaien, op de trommel zitten de mesjes gemonteerd, bovenop de trommel zit een poulie, die doormiddel van een V-snaar wordt aangedreven, een paar tandwieloverbrengingen en een aftakas moeten zorgen voor de rest van de aandrijving.
Schijvenmaaiermaaiers
Een jaar of twintig geleden wordt de eerste schijvenmaaier geïntroduceerd, deze bestaat uit een balk met roterende schijven erop en op die schijven zitten mesjes. Deze schijven worden aangedreven door tandwieloverbrenging die in de balk zit gemonteerd, de tandwieloverbrenging wordt op zijn beurt weer aangedreven door twee assen in de trommels recht en links van de maaibalk. Deze worden dan op hun beurt aan gedreven door een starre as en een paar tandwieloverbrengingen en de aftakas die naar de traktor geleid wordt. Dit concept is nog steeds de meest gebruikte maaier.
Verschil tussen trommel en schijvenmaaiers
De trommel en schijvenmaaiers worden beide nog gebruikt toch kennen zij enkele verschillen en enkele overeenkomsten.
Enkele overeenkomsten zijn:
-> Zij zijn beide zelfreinigend, dat wil zeggen dat zij het gras naar achteren gooien zodat het gras niet op de maaibalk blijft liggen, dit wordt bij beide maaiers bereikt doordat de trommels/schijven paarsgewijs naar binnen draaien toch is tussen deze twee maaiers verschil in de afvoer van het gras. Dit wordt bij de trommelmaaier bereikt door de langwerpige staafjes op de trommel die het gras mee naar achterrn trekken ,bij de schijvenmaaier wordt dit bereikt door 'hoedjes' op de schijven.
-> Bij beide zijn de mesjes zo gemonteerd dat zij 'los' zitten, zodat zij in aanraking van een voorwerp onder de schijf of trommel passen, dit is om ernstige schade van de mesjes te voorkomen.
Enkele verschillen zijn:
-> De maaihoogte is bij de schijvenmaaier instelbaar door de schuine stand van de maaibalk die regelbaar is door de indraaing van de topstang van de traktor, terwijl de maaihoogte van de trommelmaaier instelbaar is door de verstelbare hoogte van de vaste onderplaat.
-> De schijvenmaaier volgt de buitenste twee trommels, dat wil zeggen dat als er een grond verhoging is tussen de twee trommels, dat deze dan grond gaat happen terwijl de trommel maaier het hoogste punt altijd volgt. Hierdoor zal de trommelmaaier wat meer gras laten staan maar geen grond happen en dus minder snel schade hebben.
-> De schijvenmaaier maakt door de smallere maaibalk een veel mooier maairesultaat.
Door deze verschillen zien we dat toch meestal dat de schijvenmaaier de voorkeur krijgt, vooral als we kijken naar het maairesultaat, toch zal in nat en 'berg'achtig gebied
de voorkeur uitgaan naar een trommelmaaier omdat deze in deze omstandigheden nog redelijk werkt.
Nieuwe ontwikkelingen voor maaiers
Het concept van beide verschillende maaiers is verreweg hetzelfde gebleven alleen zijn op beide soorten maaiers nog meerdere werkgangen gemonteerd om het gras sneller te laten drogen.
Kneuzen
Sinds een jaar of twintig worden er kneuzers toegepast, deze hebben als doel om het gras te knikken (kneuzen) zodat er vocht uit het gras kan ontsnappen op de gekneusde plaats. Vroeger heeft men deze machine apart kunnen kopen, maar tegenwoordig zit deze kneuzer meestal op de maaier gemonteerd.
Ongeveer elke machinefabrikant heeft een eigen concept van de kneuzer, meestal is dit een naar achter draaiende rol aangedreven door een ketting, een V-snaar of door tandwielen met op die roterende rol ijzeren of plastieken pinnen gemonteerd.
IJzeren pinnen moeten wel kunnen meegeven zodat bij aanvoer van veel of zwaar gras het gras niet teveel beschadigd wordt, dit beschadigen is slecht voor de structuur van het gras en structuur is goed voor de koe.
Breedspreiden
Sinds een jaar of vijf kan de maaier ook worden uitgerust met een breedspreider, dit kan alleen in combinatie met een kneuzer omdat die het gras door de platen heen moet gooien, deze accessoire moet ervoor zorgen dat het gras gespreid wordt zodat het gras een keer minder gedraaid behoeft te worden.
Frontmaaier
Om de maaisnelheden te vergroten zijn er sinds vijftien jaar geleden ook maaiers te verkrijgen die aan de fronthef van de traktor gekoppeld kunnen worden, deze maaiers hebben dezelfde maaibalk en accessoires als de achtermaaiers, de enige ontwikkeling hierin is dat de maaiers eerder vooruit geduwd worden waardoor er een bulldozer effect ontstaat. Hierdoor kan de maaier grond gaan happen. Om dit te voorkomen hebben de frontmaaiers tegenwoordig een frame gekregen waarbij ze voor en achter zijn bevestigd met kettingen zodat ze aan de voorkant worden getrokken.
Transport
Omdat er bij achtermaaiers naast de traktor gemaaid moet worden (dit is om niet over het hoge gras te rijden) is dit bij een maaibreete van tussen 2.4 en 3 meter een veel te brede combinatie om mee over de weg te rijden.
Om de breedte te beperken zijn er enkele systemen bedacht om de transportbreedte van de achtermaaier te beperken. Een van die systemen is het hydrolisch omklapbaar systeem. Tussen de aanbouw van de traktor en de maaibalk is er een schanier en een hydrolische dubbelwerkende zuiger. De zuiger zorgt ervoor dat dat de maaier omklapt en een veiligheidspal zorgt ervoor dat de maaier niet meer kan omklappen.
Spreiden van gemaaid gras
Vroeger
Tot een jaar of 60 geleden wordt het gras met de hooivork op een stellage gelegd om te drogen. Dan doen de eerste traktors in Nederland de intrede en wordt het zware werk vervangen door een grasomdraaier. Deze draait het gras op de weilanden.
Deze machine heeft als nadeel gehad dat bij dikke lagen gras de middelste laag nooit boven komt te liggen en dus niet goed droog wordt. Daarna, een jaar of 40 geleden komen de eerste gecombineerde schudders en harken.
Deze kunnen met twee rollen met daaraan tanden (een menging van de tanden van de tegenwoordige hark en de tegenwoordige schudder) kun je naar binnen laten draaien om te harken en naar buiten laten draaien om het gras te laten spreiden.
Als de werkbreedte een belangrijke rol gaat spelen, een jaar of 20 geleden, komen de eerste schudders op de markt die we nu ook nog kennen.
Technisch
De moderne schudders zijn zo gemaakt dat zij het gemaaid gras goed doorelkaar schudden zodat er geen verschil is in de droogte van het gras op het perceel. Dit wordt mogelijk gemaakt door de kort aan de grond staande rollen en door de paarsgewijze naar binnen draaiing van de rollen.
De aandrijving vindt vanaf de traktor plaats via de aftakas. Daarna wordt via een tandwielvertakking de hoofdas aangedreven met daarop een conisch tandwiel die op zijn beurt een conisch bewerkte tandkrans waaraan de rollen vastzitten, aandrijft.
Transport
Met werkbreedtes van meer dan 10 meter is het onmogelijk om hiermee de weg op te gaan. Om deze verandering mogelijk te maken zijn er twee veelgebruikte systemen, het naar boven opklappen van schudders die niet te breed werken en bij schudders die breder werken dan 11 meter moeten de rollen naar achter geklapt worden omdat anders de transporthoogte weer te hoog wordt.
Het bij elkaar harken van gras
Vroeger
In het verleden harken ze het gras eerst bij elkaar met de hooivork en wordt het dan op stellages gelegd om te drogen. Dit bij elkaar harken van het gras gebeurt ongeveer 50 jaar geleden ook met de traktor met een hark met grote rollen die door de schuine stand op de grond worden aangedreven. Nadeel hiervan is dat bij kort gemaaid gras de machine niet alle gras kan oppakken en een ander nadeel is dat de rijsnelheid heel laag is.
Deze machine wordt ook al eerder achter het paard gebruikt en daarna, een jaar of 30 geleden, komen de gecombineerde schudders/harken zoals reeds verteld is. Een jaar of 20 geleden komen de eerste harken op de markt zoals we die nu kennen.
Techniek
Omdat de hark aan de ene kant moet harken en aan de andere moet neerleggen moeten de tanden op het juiste moment omhoog en omlaag gaan. De roter is een vaste rol waar alle harkassen op gemonteerd zitten.
Bovenop die roter is een tandwielkrans vast gemonteerd die weer wordt aangedreven door een tandwieltje met de aftakas.
Om de op en neer gaande beweging te creëren zijn de harkassen iets langer gemaakt en aan het einde iets verbogen, deze verbuiging loopt over een geleider die aan een kant hoger is. Daardoor draaien de harkassen en de tanden zodat het gras allemaal tegen het zeil geharkt wordt.
Als het hooi op rollen ligt
Nadat het hooi in het verleden klaar is wordt het met de hark naar huis gehaald en op de hooizolder opgeslagen, vandaag de dag als het hooi op rollen ligt, komt een hooipers of opraapwagen om het hooi te persen of om het hooi in een hoop bij elkaar te rijden, op beide machines wil ik nog kort op in gaan zij hebben beide dezelfde pickup om het hooi op te rapen.
Bij de pickup rapen de gele tanden het gras op, zij hebben veren zodat zij kunnen terugveren als zij iets hards oprapen.
Daarna duwen de groene rollen aan de buitenzijde van de pick up het hooi naar de midden en nemen de groene massieve tanden het gras mee naar binnen. Voordat het hooi in de perskamer/opraapkamer komt, komt het hooi langs een roterende as met daarop messen die ervoor zorgen dat het hooi kleingesneden wordt. Dit is om het hooi makkelijker uit het pak of uit de kuil te krijgen.
Daarna komt het hooi in de pers/opraap kamer. De pick up wordt aangedreven door een ketting die automatisch gesmeerd wordt.
Opraapwagen
Bij de opraapwagen komt het gesneden hooi in de opraapkamer waar het door langwerpige stangen wordt meegenomen naar de achterkant van de wagen.
Deze stangen worden aangedreven door kettingen, deze stangen moeten er ook voor zorgen dat als de wagen wordt leeggemaakt dat het hooi naar buiten komt.
Persen
Er zijn twee soorten persen. De eerste heeft eenn vaste kamer en een soort met variabele kamer waarvan de grote van het pak variabel is.
De groene en rode rollen draaien rond en drukken met een instelbare druk, waardoor het hooi met de gewenste dichtheid in elkaar wordt gedraaid.
Bij de laatste omwenteling wordt een zeil in het hooi geduwd dat dan een paar keer om het hooi gewikkeld wordt met de zelfde druk als dat het hooi geperst is. Waarna de achterkant van de pers opent en het pak naar buiten komt.
Het zelfspannend zeil zit dan al om het pak waar geen handwerk aan te pas komt.
Conclusie
In de landbouw is er veel verandering geweest van de zeis en de hooivork naar de maaier en de hark. Door die techniek is de landbouw veel productiever geworden.
Dat is nodig omdat steeds minder mensen meer werk moeten kunnen verrichten in een kortere tijd. Ik hoop dat ik een goed beeld heb geschapen van de huidige hooibouwtechnieken en dat de lezer een beetje meer inzicht en begrip heeft gekregen voor het hooiwerk waarvan onze Nederlandse veestapel afhankelijk is. Ook de kwaliteit van het hooi is verbeterd waardoor de productiviteit van de koeien is gestegen. |